Frans-August Gevaert
° Huise (België), 30 juli 1828
+ Brussel (België), 24 december 1908
Baron Frans-August Gevaert - in het Frans ook wel François-Auguste genoemd - kreeg zijn eerste muziekonderricht van J.B. Christiaens, de plaatselijke organist. Vanaf 1841 studeerde hij aan het Gentse conservatorium piano, harmonie en compositie. Als jong musicus componeerde hij contates op Nederlandse teksten. Gevaert werkte mee aan het Vlaemsch-Duitsch Zangverbond en het Vlaemsch-Duitsch Zangfeest van 1847 in Gent.
Samen met Peter Benoit ontving hij in 1856 een erepenning van het Willemsfonds voor zijn composities in de volkstaal.
Na de dood van Fétis werd Gevaert in 1871 directeur van het Brussels conservatorium. Gevaert wilde in zijn conservatorium vooral virtuozen vormen, in tegenstelling tot Benoit, die denkende mannen en vrouwen wou vormen. Toegegeven moet zeker zijn dat Gevaert zijn conservatorium uitbouwde tot een tempel van grote muziekkunst, met leraars zoals Edgar Tinel, Arthur De Greef, Eugène Ysaye, Paul Gilson en vele anderen.
Gevaert componeerde naast opera’s en cantates nog liederen, religieuze muziek, orgel- en orkestwerken.
Bron: Wikipedia

