Sébastien Romignon-Ercolini (tenor)
De tenor Sébastien Romignon, van Venetiaanse afkomst, is geboren te Brussel waar hij zanglessen volgt na een commerciële opleiding in het hoger onderwijs. Daarna studeert hij aan het Conservatorium te Bergen en aan het Conservatorium van het Groothertogdom Luxemburg waar hij een volledige muzikale opleiding krijgt.
2003 wordt gekenmerkt door zijn eerste rol van Griolet in La Fille du Tambour-major in een productie te Brussel. Daarna volgen een reeks concerten in België.
Tijdens de zomer van 2004 geeft hij zijn eerste recital in het kader van het festiva te Trets (Aix-en-Provence). Zijn programma bestaat uit fragmenten uit muziekstukken van Gluck, Schubert, Donizetti, Schumann, Lalo, Gounod en Tosti. In hetzelfde jaar zingt hij de rol van Graaf Almaviva in het Koninklijk Theater te Bergen. Daarna zingt hij in Brussel onder de artistieke leiding van de beroemde sopraan Isabelle Kabatu.
In 2004 is de jonge tenor uitgenodigd om te zingen ter gelegenheid van de heropening van de Stadsopera van Luxemburg.
Hij zingt ook oratorio, nl. het Requiem van Mozart, Maddalena à piedi di Cristo van Bononcini, La Petite Messe Solennelle en de Stabat Mater van Rossini, de Missa di Gloria van Puccini en Carmina Burana van Orff. De tenor zong onder de leiding van verschillende dirigenten zoals Xavier Haag, Peter Van Heyghen, Michel Méaux, Michel van Den Bossche en Robert Janssens.
Tot zijn voornaamste rollen behoren Gérard in Lakmé (Delibes), Nemorino in L'Elisir d'amore (Donizetti), Nadir in Les Pêcheurs de Perles (Bizet), Romeo in Romeo en Juliette (Gounod) en Alfred in Die Fledermaus (Strauss).
oktober 2008

